Van walletadres tot risicoscore: cryptotransacties worden steeds beter traceerbaar

4 min. leestijd
Bitcoin koers houdt stand ondanks nieuwe dreiging, markt op scherp
Foto: Kateryna Onyshchuk/Shutterstock

Een reeks letters en cijfers, dat is wat een walletadres op het eerste gezicht is. Geen naam, geen adres, geen geboortedatum. Voor veel mensen is dat precies waar het beeld van crypto als anoniem betaalmiddel vandaan komt. Toch klopt dat beeld maar ten dele. Bitcoin, Ethereum en de meeste andere grote blockchains zijn openbaar: iedereen kan elke transactie die ooit is uitgevoerd terugvinden, van het bedrag tot het tijdstip. Wat zo'n adres niet direct prijsgeeft, is wie erachter zit. Dat maakt een blockchain niet onzichtbaar, maar pseudoniem.

Pseudoniem is iets anders dan anoniem

Het verschil tussen die twee begrippen is groter dan het lijkt. Bij echte anonimiteit is er helemaal geen spoor te volgen. Bij pseudonimiteit ligt het spoor er wél, alleen is het label erop nog niet ingevuld. Een walletadres functioneert in die zin een beetje als een pseudoniem onder een blogpost: de tekst is voor iedereen leesbaar, en wie goed zoekt, kan soms toch achterhalen wie de auteur is.

Dat wil niet zeggen dat elke cryptotransactie zomaar naar een persoon te herleiden is. Voor losse, geïsoleerde overboekingen tussen twee onbekende adressen kan dat knap lastig blijven. Maar zodra er meer transacties, meer adressen en meer context bij komen kijken, verandert dat beeld.

Van losse transacties naar patronen

Blockchainanalyse draait niet om het bekijken van één transactie, maar om het herkennen van patronen over veel transacties heen. Specialistische partijen kijken onder meer naar de route die cryptovaluta aflegt tussen wallets, naar clusters van adressen die vermoedelijk bij dezelfde gebruiker of organisatie horen, en naar bekende adressen van handelsplatformen en andere diensten. Ook opvallende transactiefrequenties of -bedragen kunnen een signaal zijn.

Zo'n cluster ontstaat bijvoorbeeld wanneer meerdere adressen consequent samen in dezelfde transacties opduiken, of wanneer geld via een vast patroon van tussenstappen beweegt. Op zichzelf zegt geen van die signalen alles, maar opgeteld ontstaat een beeld dat specialisten kunnen gebruiken om geldstromen te volgen.

Het koppelpunt tussen blockchain en identiteit

Het moment waarop een walletadres er echt toe gaat doen, is wanneer het in aanraking komt met een partij die verplicht is klanten te identificeren. Denk aan een cryptobeurs, maar ook aan een bank die een storting vanaf een wallet ontvangt. Op dat punt ontstaat een koppeling tussen een reeks letters en cijfers en een naam, een adres, een bankrekening.

Die koppelpunten worden er de laatste jaren niet minder op. Europese regelgeving verplicht aanbieders van cryptodiensten inmiddels om afzender- en ontvangergegevens mee te sturen bij overdrachten van cryptoactiva, vergelijkbaar met wat al langer gold voor gewone bankoverschrijvingen. Voor wie meer wil weten over de bredere vergunningsplicht die daarmee samenhangt: Crypto Insiders schreef daar al eerder uitgebreid over de aangescherpte Europese regels voor cryptoplatformen, dus dat wordt hier niet dunnetjes overgedaan.

Privacy en toezicht botsen soms

Meer traceerbaarheid klinkt in eerste instantie als een instrument tegen witwassen en fraude, en dat is het ook. Maar het is geen exacte wetenschap. Een risicoscore die een wallet krijgt toegewezen, is een inschatting, geen bewijs van een overtreding. Een adres kan bijvoorbeeld indirect in aanraking zijn gekomen met een verdacht adres, ergens verderop in een lange keten van transacties, zonder dat de eigenaar daar ooit weet van heeft gehad.

Dat maakt menselijke beoordeling en context onmisbaar. Een hoge risicoscore mag een reden zijn om verder te kijken, maar is op zichzelf onvoldoende om iemand van iets te beschuldigen. Diezelfde spanning tussen fraudebestrijding en privacy speelt breder in de financiële wereld, telkens wanneer toezicht en persoonlijke gegevens elkaar raken.

Ook buiten de cryptosector worden identiteit, betalingen en toezicht namelijk steeds belangrijker. Bij een online casino met vergunning gelden eveneens regels rond identificatie en veilige betaalstromen. Dat betekent overigens niet automatisch dat zo'n aanbieder cryptovaluta ondersteunt; het illustreert vooral dat gereguleerde sectoren in bredere zin steeds meer inzicht moeten hebben in wie er achter een transactie zit.

Regelgeving in de praktijk

De regels die deze traceerbaarheid afdwingen, staan inmiddels niet meer op papier alleen. Verordening (EU) 2023/1113 verplicht aanbieders van cryptoactivadiensten om bij overdrachten informatie over de initiator en de begunstigde mee te sturen, ongeveer zoals banken dat al deden bij gewone overschrijvingen. Deze regels sluiten aan bij de internationale Travel Rule-standaard van de FATF, die wereldwijd inmiddels door tientallen landen in wetgeving is omgezet.

Dat betekent niet dat elk zelfbeheerd wallet meteen onder toezicht staat. Overdrachten tussen twee particuliere wallets, zonder tussenkomst van een aanbieder, vallen in de regel buiten het bereik van deze verordening. Zodra er wel een cryptodienst bij betrokken is, geldt de verplichting echter onverkort.

Meer inzicht, geen volledige doorzichtigheid

Een openbare blockchain is dus geen onzichtbaar betaalnetwerk, maar ook geen glazen huis waarin elke transactie meteen een naam en gezicht krijgt. Naarmate analysetechnieken verfijnder worden en regelgeving zich verder ontwikkelt, worden geldstromen in de praktijk wel steeds beter te volgen, vooral op de punten waar crypto en de gereguleerde financiële wereld elkaar raken. Tegelijkertijd blijft zorgvuldigheid geboden: een walletadres is een spoor, geen identiteitsbewijs, en het verschil daartussen blijft precies waar de komende jaren de meeste discussie over zal gaan.