Werkenden betalen in 2027 samen naar verwachting ongeveer €4 miljard meer inkomstenbelasting. Dat blijkt uit uitgelekte ramingen rond de nieuwe kabinetsplannen.
Die €4 miljard is het totaal voor alle werkenden samen. Het betekent dus niet dat iedere werknemer persoonlijk duizenden euro’s extra kwijt is. Hoe groot het verschil uiteindelijk wordt, hangt onder meer af van het inkomen, eventuele loonstijgingen en de belastingkortingen waarop iemand recht heeft.
Belasting loopt op ondanks flinke tegemoetkoming
Opvallend is dat het kabinet tegelijkertijd een eerder geplande belastingverhoging schrapt.
In het coalitieakkoord stond de zogenoemde vrijheidsbijdrage. Via een beperktere aanpassing van de inkomstenbelasting aan de inflatie moest deze maatregel burgers in 2027 ongeveer €1,5 miljard kosten. Vanaf 2028 zou dat oplopen tot €3,4 miljard per jaar, blijkt uit de budgettaire bijlage bij het coalitieakkoord.
Die maatregel gaat volgend jaar niet door. Daarnaast wil het kabinet de arbeidskorting verhogen. Dat is een belastingkorting voor mensen met betaald werk, waardoor zij minder inkomstenbelasting hoeven af te dragen.
Ondanks deze tegemoetkomingen stijgt de totale belastingopbrengst bij werkenden volgens de uitgelekte plannen dus alsnog met miljarden.
Koopkracht daalt veel minder sterk
Een hogere belastingafdracht hoeft niet één op één te leiden tot evenveel koopkrachtverlies. Bij koopkracht tellen namelijk ook salarisstijgingen, toeslagen, premies en inflatie mee.
Uit uitgelekte koopkrachtberekeningen blijkt dat de mediane koopkracht van werkenden in 2027 met ongeveer 0,2 procent daalt.
De verschillen tussen de inkomensgroepen blijven beperkt, maar lopen wel uiteen. Vooral gepensioneerden en lage inkomens staan aan de positieve kant, terwijl midden- en hogere inkomens licht terrein verliezen. De exacte percentages staan hieronder op een rij.
|
Groep |
Verwachte koopkracht 2027 |
|
Werkenden |
-0,2% |
|
Middeninkomens |
-0,1% |
|
Hogere inkomens |
-0,2% |
|
Lage inkomens |
+0,2% |
|
Gepensioneerden |
+0,3% |
Bron: uitgelekte koopkrachtberekeningen voor 2027.
Dit bepaalt wat je straks echt overhoudt
Hoeveel een individuele werknemer volgend jaar daadwerkelijk merkt, is nog niet precies te berekenen. Vooral de definitieve belastingschijven en heffingskortingen zijn daarvoor belangrijk.
Ook de arbeidskorting pakt niet voor iedereen hetzelfde uit. Deze loopt eerst op naarmate het arbeidsinkomen stijgt, maar wordt bij hogere inkomens weer afgebouwd.
Voor spaarders en beleggers is uiteindelijk vooral van belang hoeveel besteedbaar inkomen overblijft. Zelfs een kleine daling van de koopkracht kan betekenen dat er minder ruimte is om maandelijks geld opzij te zetten of te beleggen.
Prinsjesdag moet meer duidelijkheid geven
Op dinsdag 15 september presenteert het kabinet de Miljoenennota en het Belastingplan. Daarna kunnen de voorstellen tijdens de behandeling in de Tweede en Eerste Kamer nog worden aangepast.
De Rijksoverheid legt uit dat de meeste goedgekeurde belastingmaatregelen vervolgens op 1 januari 2027 ingaan. Meer informatie over het proces staat op de officiële pagina over het Belastingplan.
Voor cryptobeleggers verandert er richting 2027 nog meer. De Belastingdienst krijgt dan automatisch meer cryptodata aangeleverd van handelsplatforms, al blijft een deel van de activiteit via onder meer privéwallets en DeFi voorlopig buiten beeld.








